Onze boodschap aan jullie gaat over de liefde, die het hoofdgebod ons leert.

Het hoofdgebod heeft twee delen:

          „Gij zult de HEER uw GOD beminnen
          met heel uw hart,
          met heel uw ziel,
          met heel uw gemoed
          en met heel uw kracht!“

Dit is het eerste gebod. Maar het tweede is hieraan gelijk:

          „Gij zult uw naaste beminnen als uzelf!“

Deze beide delen vormen dus samen het hoofdgebod. Daarom moeten we beide delen onderhouden en vervullen.

Bergkruis

Leerde men jullie alleen de naastenliefde, dan zou jullie niet de volheid van het hoofdgebod volgens de goddelijke leer ver­kon­digd worden. Maar hetzelfde ook als jullie alleen het eerste ge­deelte verkondigd of geleerd zou worden. Want zo handelen over het algemeen de sekten, die maar een deel uit de leer van CHRISTUS verkondigen, helemaal zoals het in hun concept past.

Juist bij het hoofdgebod gebeurt dit sinds lange tijd niet alleen van de kant van de sekten, maar bijna in de hele officiële Kerk. Geen mens kan beweren, dat hij de door GOD verlangde liefde leeft, als hij maar een deel van het hoofdgebod praktizeert.

Wat laten de mensen toch voorbijgaan! Want, wie GOD met heel het hart bemint, die wordt door GOD met talloze liefdesbewijzen en weldaden vervuld. Dit weer wekt in de mens het verlangen, GOD steeds meer te beminnen en te geven.

En hier staat het tweede gedeelte van het hoofdgebod de mens helpend terzijde, de HEILAND heeft (zoals men in de Heilige Schrift leest) toch zelf verzekerd: „Wat gij voor één van mijn geringste broeders gedaan hebt, dat hebt gij voor Mij gedaan.“ En waarlijk, deze toezegging van JEZUS is een echte houvast voor iedereen die GOD uit een hart vol vuur bemint. Want hij zou vergloeien als hij deze liefdesbewijzen van GOD niet zou kunnen beantwoorden, voorzover hij de kracht ervoor heeft. En hier heeft hij de gelegenheid: Hij beoefent de naastenliefde! Zijn geluk daar­bij is dat hij weet dat hij het voor de HEER zelf doet. Zien jullie, en daarom is de naastenliefde het tweede deel van het hoof­dgebod, die het eerste deel (de liefde tot GOD) vervolmaakt. Dit, en alleen maar dit is het hoofdgebod! Het hoofdgebod van ieder christengelovige! Al het andere is brokstuk!