Maart 2019

De letter doodt – Blij zijn voor GOD

Mijn welbeminden! De mens is goddelijk, want hij heeft de ziel in zich, ook iedere heiden en zelfs iedere zware zondaar. En wat is de ziel? Ze is de adem, de levensadem van GOD. GOD heeft de eerste mens de levensadem in de neus geblazen. En daarna – zodra bij het verwekte kind het hart begint te slaan, geeft GOD Zijn levensadem in het hart. De levensadem van GOD is god­de­lijk  staat er in de Heilige Schrift: ‘Gij zijt goden!’ Dus de mens is goddelijk, maar niet de zondag en niet de sabbat. Wie is be­lang­rijker: de zondag of de mens? Belangrijk is volgens GOD: ‘Zes dagen zult ge werken; maar op de zevende dag zult ge rusten!’ En wie zo ijverig beweert, dat men de sabbat moet hei­ligen en niet de zondag, die moet naar de Joden gaan en daar blij­ven. Wij hebben zo’n grote Heiligen die de zondag heiligden. Bekijk toch hun leven, neemt een voorbeeld daaraan. De een is heilig ge­wor­den door sociale werken, de ander door gebed, weer iemand anders als kluizenaar. Niet iedereen kan zo leven als deze men­sen, maar men kan hun deugden beschouwen en dan zo le­ven dat het overeenstemt met de eigen opdracht en roeping.

 

Betweters en letterknechten
Veel mensen oordelen naar hun vooringenomen menselijke me­ning, wat dan de reden is dat de HEILIGE GEEST niet in hen kan binnendringen. Als iemand op je afkomt, ook al is hij een zon­daar, ook al is hij een Heilige, ook al is hij een islamiet of wie dan ook: Je moet jezelf leeg maken, opdat de HEILIGE GEEST door jou de ander kan zien. Het zijn de betweters, die in het Oude Testament zijn vastgelopen.

Ze zijn weer letterknechten zoals destijds de halsstarrige Joden. Apostel Paulus zei: ‘De letter doodt!’ En zij, die met voor­op­ge­zette betweterij oordelen, uit hun menselijk hoofd, zijn zij die alleen maar bepaalde zinnen voor zichzelf uit de Bijbel halen, alleen dat wat hen net bevalt. Men kan hen terecht sek­tariĆ«rs noemen.

 

Bijbelvertalingen
Dan moet men niet vergeten, dat de Heilige Schrift al vele keren werd vertaald. Jammer genoeg maakte men de fout, dat men bij de vertalingen niet altijd van de originele tekst uitging, maar van de laatste vertaling. De taal verandert immers. Als onze over-­overgrootmoeder nu op de wereld zou komen, zou ze ons Ne­der­lands helemaal niet meer verstaan. Daarvoor, vind ik, is het in de Kerk heel praktisch dat we het Latijn bezitten, maar niet voor het Heilig Misoffer, maar voor het archief. Latijn is een dode taal. Ze wordt in de wereld niet meer gesproken en blijft daarom steeds hetzelfde – in tegenstelling  tot onze taal, die van jaar tot jaar ver­andert. In ieder geval zou mijn overgrootmoeder of mijn groot­moeder al niet meer weten, wat city, street, shop of job be­te­kent, ze zou geen idee hebben. Begrijpen jullie? Daarom kan ik niet van Gisteren naar Vandaag vertalen, maar moet van de oor­sprong ... mehr